Sinds jaar en dag wordt in Adlib een onderscheid gemaakt tussen 'applicaties' en (core) 'software' (die laatste ook wel als 'executables' aangeduid). In het kort komt het erop neer dat de software de progamma's betreft waarop de applicaties draaien; de software kunt u vergelijken met de motor van een auto, de applicatie met de rest van de auto, en dezelfde motor kan in verschillende auto's worden gebruikt. De belangrijkste component van de software is het programma adlwin.exe.
De software is voor alle Adlib-gebruikers gelijk, ongeacht of u een bibliotheek-, museum-, archief- of andere toepassing hebt. De applicaties daarentegen, bijvoorbeeld vastgelegd in het bestand adlib.pbk en de .fmt-bestanden (schermen) kunnen verschillen van klant tot klant.
De software kent vanaf het begin versienummers (dit gaat terug tot begin jaren '80). De huidige versie van de software is versie 6.5.2. Doorgaans kunt u de software van Adlib vervangen door een hogere versie zonder dat er gegevensconversies of andere bewerkingen plaats hoeven te vinden. De software is zogenaamd 'upwards compatible'.
Omdat er de laatste jaren steeds meer gebruik gemaakt wordt van standaard-applicaties van Adlib (in tegenstelling tot op maat gemaakte applicaties), hebben wij ook hiervoor een versienummering ingesteld. Dit maakt het voor ons, maar ook voor u, gemakkelijker om verschillen en wijzigingen bij te houden. In tegenstelling tot de core software kunt u een applicatie in zijn algemeenheid niet zonder meer vervangen door een nieuwere versie. Dit komt omdat per klant de exacte configuratie kan verschillen en datastructuren op een organisatie kunnen zijn aangepast. Wanneer u uw (aangepaste) applicatie zonder meer zou vervangen door een nieuwere kunnen er conflicten onstaan, bijvoorbeeld doordat tags een andere betekenis hebben. Het huidige applicatie-versienummer is 4.2 (bibliotheek, museum en archief).